1.
Als ’t beproevingsuur slaat
naar Gods heilige raad,
en u gaat dan door lijden en pijn,
o verbaas u dan niet
dat dit alles geschiedt,
want zo leert u gehoorzaam te zijn.
naar Gods heilige raad,
en u gaat dan door lijden en pijn,
o verbaas u dan niet
dat dit alles geschiedt,
want zo leert u gehoorzaam te zijn.
Refrein:
Denk aan Hem in dat uur,
Hij ging ook door het vuur,
werd voleindigd door lijden en nood.
Steeds gehoorzaam ’t gebod,
welgevallig zijn God,
bleef Hij staande, getrouw tot de dood.
Hij ging ook door het vuur,
werd voleindigd door lijden en nood.
Steeds gehoorzaam ’t gebod,
welgevallig zijn God,
bleef Hij staande, getrouw tot de dood.
2.
Wees gerust en verblijd
als uw God u kastijdt;
zo bewijst Hij zijn liefde aan u.
Zink niet moedeloos neer,
rust in Jezus, uw Heer,
want Hij deelt juist dit lijden met u.
als uw God u kastijdt;
zo bewijst Hij zijn liefde aan u.
Zink niet moedeloos neer,
rust in Jezus, uw Heer,
want Hij deelt juist dit lijden met u.
3.
Hef uw handen dan op.
Ja, wees sterk en sta op.
Laat uw voeten een rechte weg gaan.
In de hoop steeds verblijd,
vol geduld als u lijdt;
’t geldt een eerkrans die niet zal vergaan.
Ja, wees sterk en sta op.
Laat uw voeten een rechte weg gaan.
In de hoop steeds verblijd,
vol geduld als u lijdt;
’t geldt een eerkrans die niet zal vergaan.
4.
Hij die lijdt in de druk
krijgt een hemels geluk,
en zijn heerlijkheid groeit meer en meer.
Ja, welzalig de man
die beproefd worden kan.
Hij beërft eens het rijk van de Heer.
krijgt een hemels geluk,
en zijn heerlijkheid groeit meer en meer.
Ja, welzalig de man
die beproefd worden kan.
Hij beërft eens het rijk van de Heer.