366

Ik dank U, geliefde Heiland,

1.
Ik dank U, geliefde Heiland,
voor iedere zegening.
Onmogelijk kan ik tellen
al wat ik van U ontving.
Uw liefde omsloot mij teder
/: waarheen ik m’ ook wendd’ of ging. :/
Refrein:
Ik dank U voor zonlichte dagen,
maar ook voor beproeving, mijn God.
’t Is alles voor mij tot zegen!
Ik dank U, ik dank U, mijn God.
2.
Ik dank U, geliefde Heiland,
dat Gij mij vaak hebt bezeerd.
Mijn koppige wil te buigen,
dat heb ik daardoor geleerd.
Zo schonk U mij vreugd in ’t harte
/: en leven, zozeer begeerd. :/
3.
Mijn lot ligt in uwe han - den;
ik dank U daarvoor, o Heer,
en al wat mijn weg zal kruisen,
dat zegent mij meer en meer.
Dank Heer, voor wat U doet komen,
/: ’t is ’t beste voor mij steeds weer. :/
Geschreven in 1940 door Ingrid Bekkevold (gepubliceerd in 1947)Gecomponeerd door Heinz GriesTekst © Stiftelsen Skjulte Skatters ForlagNorway ⋅ E