1.
O Here Jezus, wat bent U groot!
Vul mij met lofgezang om uw dood
en om uw leven op deze aard!
Ja, U bent alle heerlijkheid waard.
Vul mij met lofgezang om uw dood
en om uw leven op deze aard!
Ja, U bent alle heerlijkheid waard.
Refrein:
Ik wil U eren, U bent zo goed!
’t Is mij tot zegen, al wat U doet.
Leer mij U loven in deze tijd;
U zie ik spoedig in eeuwigheid.
’t Is mij tot zegen, al wat U doet.
Leer mij U loven in deze tijd;
U zie ik spoedig in eeuwigheid.
2.
U zij de ere, heerlijk zijt Gij.
Leven en vrede geeft U aan mij.
Help mij in U te blijven, o Heer.
U bent zo groot, U zij alle eer!
Leven en vrede geeft U aan mij.
Help mij in U te blijven, o Heer.
U bent zo groot, U zij alle eer!
3.
Zalige vrede! Trouw aan uw Woord
snel ik met grote zekerheid voort.
’k Mag U aanschouwen, ben onbevreesd,
leef in de vrijheid, vol van uw Geest.
snel ik met grote zekerheid voort.
’k Mag U aanschouwen, ben onbevreesd,
leef in de vrijheid, vol van uw Geest.
4.
Vul mij met lofzang! U droeg uw kruis,
opent voor mij een eeuwig tehuis.
’k Zal overwinnen; U geeft als loon
aan mij voor eeuwig de zegekroon.
opent voor mij een eeuwig tehuis.
’k Zal overwinnen; U geeft als loon
aan mij voor eeuwig de zegekroon.
5.
Dank U, o Here! U maakt mij vrij;
U hebt een weg gebaand ook voor mij.
Nu kan ik onbevreesd daarop gaan,
veilig en zeker achter U aan.
U hebt een weg gebaand ook voor mij.
Nu kan ik onbevreesd daarop gaan,
veilig en zeker achter U aan.
6.
U hebt uw ziel ontledigd geheel;
Leven in Christus is nu mijn deel:
’t verborgen leven vormt zich in mij;
dat is uw bruid! Geprezen zijt Gij!
Leven in Christus is nu mijn deel:
’t verborgen leven vormt zich in mij;
dat is uw bruid! Geprezen zijt Gij!