237

Volkomen rust wil ik van U vragen.

1.
Volkomen rust wil ik van U vragen.
Help mij om blij naar het doel te jagen!
O God, ik sta veel te vaak nog stil,
/: het gaat veel langzamer dan ik wil. :/
2.
De lust van ’t vlees kom ik al maar tegen
als hindernis op de weg naar zege.
Ik smeek U: Here, staat U mij bij!
/: Soms is de strijd wel erg zwaar voor mij. :/
3.
Ik wil vergeten mijn smart en lijden,
een loflied zingen en mij verblijden
met jubelzangen het Lam ter eer:
/: ’t Is vast en zeker, ’k zal winnen, Heer! :/
4.
Ik wil U danken voor ’t lijdensleven
dat U, o Heer, aan mij hebt gegeven.
O geef mij deel aan uw lijdensloon!
/: Dit vraag ik biddende voor uw troon. :/
5.
Ik weet, o Jezus, in al mijn noden,
in al mijn lijden- ja soms ten dode -
dat U getrouw mij bent voorgegaan,
/: als eersteling ’t lijden hebt doorstaan. :/
6.
Dank, Here Jezus, met U ga ’k verder;
U droeg mijn lasten, U bent mijn herder.
U gaf alleen, liet het eisen na
/: van Nazareth tot op Golgotha. :/
Geschreven in 1930 door Johan Hoff (gepubliceerd in 1932)Tekst © Stiftelsen Skjulte Skatters ForlagNorway ⋅ A