1.
O pelgrim, door lijden vermoeid en belast,
Gods machtige hand is verheven.
Zijn trouw aan verbrijzelde harten staat vast,
zijn hulp zal u nimmer begeven.
Al raakt in verdrukking uw ziel zo benauwd,
verdwijnt uw houvast, is het donker en koud,
zorg dat u juist dan op de Here vertrouwt,
ja geef Hem de eer t’ allen tijde.
Gods machtige hand is verheven.
Zijn trouw aan verbrijzelde harten staat vast,
zijn hulp zal u nimmer begeven.
Al raakt in verdrukking uw ziel zo benauwd,
verdwijnt uw houvast, is het donker en koud,
zorg dat u juist dan op de Here vertrouwt,
ja geef Hem de eer t’ allen tijde.
2.
Als u hier op paden vol doornen moet gaan,
in donkere, moeilijke tijden,
denk dan aan wat Jezus op aard heeft doorstaan:
vrijwillig verkoos Hij het lijden.
Hij zocht niet een uitweg, was trouw tot de dood,
getrouw aan zijn bruid droeg Hij schande en nood.
Straks komt Hij terug, onze Meester, zo groot;
zal Hij ware trouw hier dan vinden?
in donkere, moeilijke tijden,
denk dan aan wat Jezus op aard heeft doorstaan:
vrijwillig verkoos Hij het lijden.
Hij zocht niet een uitweg, was trouw tot de dood,
getrouw aan zijn bruid droeg Hij schande en nood.
Straks komt Hij terug, onze Meester, zo groot;
zal Hij ware trouw hier dan vinden?
3.
O haast u en weef nu een wit, blinkend kleed!
De komst van de Heer duurt nog even.
Wie nuchter en waakzaam zijn dagen besteedt,
diens kleed wordt aan één stuk geweven.
Want ook Jezus’ mantel is naadloos bereid:
ja, Hij heeft zijn leven geofferd altijd.
Hij trad in de werken door God Hem bereid
en zocht slechts de wil van zijn Vader.
De komst van de Heer duurt nog even.
Wie nuchter en waakzaam zijn dagen besteedt,
diens kleed wordt aan één stuk geweven.
Want ook Jezus’ mantel is naadloos bereid:
ja, Hij heeft zijn leven geofferd altijd.
Hij trad in de werken door God Hem bereid
en zocht slechts de wil van zijn Vader.