1.
Laat bazuingeschal weerklinken!
’t Is het heilig jubeljaar!
Elke schuld wordt kwijtgescholden
nu in dit bevrijdingsjaar.
God gaf zelf bevel en zei:
Wie gebonden was, wordt vrij!
Alle vorderingen vallen weg
in ’t heilig jubeljaar!
’t Is het heilig jubeljaar!
Elke schuld wordt kwijtgescholden
nu in dit bevrijdingsjaar.
God gaf zelf bevel en zei:
Wie gebonden was, wordt vrij!
Alle vorderingen vallen weg
in ’t heilig jubeljaar!
2.
Jezus bracht de blijde boodschap:
’t Is het heilig jubeljaar;
stel gevangenen in vrijheid
nu in dit bevrijdingsjaar!
Blinden krijgen het gezicht,
in het duister schijnt Gods licht.
Jezus heelt verbrijzelden van hart
in ’t heilig jubeljaar!
’t Is het heilig jubeljaar;
stel gevangenen in vrijheid
nu in dit bevrijdingsjaar!
Blinden krijgen het gezicht,
in het duister schijnt Gods licht.
Jezus heelt verbrijzelden van hart
in ’t heilig jubeljaar!
3.
O, hoe heerlijk om te leven
in dit heilig jubeljaar!
Onze zonden zijn vergeven;
eeuwig leven! Wonderbaar!
Steeds meer van het vlees bevrijd,
steeds meer onze lusten kwijt,
om te wandelen in Jezus’ Geest
in ’t heilig jubeljaar!
in dit heilig jubeljaar!
Onze zonden zijn vergeven;
eeuwig leven! Wonderbaar!
Steeds meer van het vlees bevrijd,
steeds meer onze lusten kwijt,
om te wandelen in Jezus’ Geest
in ’t heilig jubeljaar!
4.
Als gezanten van de Meester
in het heilig jubeljaar
kunnen wij zijn voorbeeld volgen,
vrijheid brengen hier op aard.
Als ik word veracht, versmaad,
maar mijn eigen leven haat,
kan ik zegenen wie mij vervloekt,
in ’t heilig jubeljaar!
in het heilig jubeljaar
kunnen wij zijn voorbeeld volgen,
vrijheid brengen hier op aard.
Als ik word veracht, versmaad,
maar mijn eigen leven haat,
kan ik zegenen wie mij vervloekt,
in ’t heilig jubeljaar!
5.
Heer, ik wil ook zo vergeven
als U mij vergeven heeft,
vol geduld, steeds triomferend,
zoals U hier hebt geleefd.
Als ik zegen, en mijn loon
smaad’lijk speeksel is en hoon,
strooi ik vrij en blij slechts goedheid uit
in ’t heilig jubeljaar!
als U mij vergeven heeft,
vol geduld, steeds triomferend,
zoals U hier hebt geleefd.
Als ik zegen, en mijn loon
smaad’lijk speeksel is en hoon,
strooi ik vrij en blij slechts goedheid uit
in ’t heilig jubeljaar!