200

Stil lig ik hier terneer,

1.
Stil lig ik hier terneer,
gekweld door hartezeer,
omdat mijn ziel naar mijn bruidegom smacht.
Dit drijft mij op te staan
en erop uit te gaan
in deze koude en donkere nacht.
(Hooglied 3:1-4)
2.
Mijn ziel is neergedrukt;
en onder zorg gebukt
zoek ik, elk pad en elk plein overziend.
Wachters, tot mijn verdriet,
weten de weg ook niet
naar mijn geliefde, mijn bruigom en vriend.
3.
Vol droefheid keer ik om.
Daar zie ’k mijn bruidegom,
Hem die mijn hele hart is toegewijd!
Hem die mij heeft verlost,
laat ik nu nooit meer los.
Kommer en zuchten zijn weg voor altijd.
Geschreven door Johanne Sandvik (gepubliceerd in 1929)Gecomponeerd door Caroline Volla-SørlieTekst © Stiftelsen Skjulte Skatters ForlagNorway ⋅ C