1.
Kom, laat ons zingen van ’t leven daar,
voor eeuwig bij de Heer en bij elkaar.
Een heerlijk leven, dat blijft bestaan,
als al het and’re voorbij zal gaan.
voor eeuwig bij de Heer en bij elkaar.
Een heerlijk leven, dat blijft bestaan,
als al het and’re voorbij zal gaan.
2.
Het is een rijk waar rechtvaardigheid
door woorden en door daden wordt verbreid.
Daar wordt Gods reinheid geopenbaard
zoals nog nooit werd gezien op aard.
door woorden en door daden wordt verbreid.
Daar wordt Gods reinheid geopenbaard
zoals nog nooit werd gezien op aard.
3.
We zijn wel blij als hier op de aard
soms iets van goedheid wordt geopenbaard.
Maar het volmaakte zal dan bestaan
en ’t onvolmaakte heeft afgedaan.
soms iets van goedheid wordt geopenbaard.
Maar het volmaakte zal dan bestaan
en ’t onvolmaakte heeft afgedaan.
4.
Slapen en dromen is daar niet bij:
het koningschap met Jezus krijgen wij,
regeren, werken met wijs beleid,
in heel Gods schepping in eeuwigheid.
het koningschap met Jezus krijgen wij,
regeren, werken met wijs beleid,
in heel Gods schepping in eeuwigheid.
5.
Van niemand wordt nog een klacht gehoord,
want dat bestaat niet in zo’n heerlijk oord!
En ieder werkt dan in ’s Heren vree
in harmonie op zijn eigen stee.
want dat bestaat niet in zo’n heerlijk oord!
En ieder werkt dan in ’s Heren vree
in harmonie op zijn eigen stee.
6.
’t Is al zo fijn als je hier beleeft,
hoe God een bruidspaar hier zijn zegen geeft.
Wat is het dan onbeschrijflijk fijn
om straks daarginds Jezus’ bruid te zijn!
hoe God een bruidspaar hier zijn zegen geeft.
Wat is het dan onbeschrijflijk fijn
om straks daarginds Jezus’ bruid te zijn!