1.
Hoor naar mij: de Heer bewerkt nu nieuwe tijden,
wat Hij nimmer zien of horen deed.
Zijn volk gaat Hij de woestijn nu binnenleiden,
waar het dor is, droog en heet!
(Jes. 58:11-14)
wat Hij nimmer zien of horen deed.
Zijn volk gaat Hij de woestijn nu binnenleiden,
waar het dor is, droog en heet!
(Jes. 58:11-14)
Refrein:
Het welt op, het welt op,
in de dorre vlakte welt het op.
Het welt op, het welt op,
’t levend water welt nu op.
in de dorre vlakte welt het op.
Het welt op, het welt op,
’t levend water welt nu op.
2.
In de woestenij wil Christus nu gaan werken,
klinkt zijn stem heel duidelijk en klaar.
Hij verzamelt het gebeent’ en zal het sterken,
neemt de macht in handen daar.
klinkt zijn stem heel duidelijk en klaar.
Hij verzamelt het gebeent’ en zal het sterken,
neemt de macht in handen daar.
3.
Zie, hoe nu der vaad’ren zonen weer gaan bouwen
op ruïnes uit de oude tijd.
En de muren, zo brutaalweg neergehouwen,
bouwen zij met kracht en vlijt.
op ruïnes uit de oude tijd.
En de muren, zo brutaalweg neergehouwen,
bouwen zij met kracht en vlijt.
4.
Ja, de erfenis der vaad’ren wordt verkregen,
Jakobs goed genieten zij in vree.
Zo verborgen toch zijn al des Heren wegen,
slechts de besten delen mee!
Jakobs goed genieten zij in vree.
Zo verborgen toch zijn al des Heren wegen,
slechts de besten delen mee!