102

Jezus, ik wil slechts uw eigendom wezen

1.
Jezus, ik wil slechts uw eigendom wezen,
niets van de aarde bevredigt mij meer.
U bent mijn leven, mijn vrede, mijn vreugde;
U heb ik lief, niet de wereld, o Heer.
U wil ’k gelijken, U wil ’k gelijken;
laat toch uw beeld zichtbaar worden in mij
en laat uw liefde toch altijd mij dringen;
slechts als uw slaaf ben ik werkelijk vrij.
2.
Jezus, ik weet: ’k heb een lichaam der zonde,
dat moet te gronde gaan, Heer, in uw dood.
’t Vlees gaat met alle kracht tegen uw Geest in.
Uw wil geschiede, ja dat is mijn nood.
Laat mij verdwijnen, laat mij verdwijnen,
net als bij Henoch: men vindt mij niet meer.
Ook geen gestalte die men zou begeren.
Dan weet ik, Jezus: U mint mij zo zeer.
3.
Here, mijn Losser, U leeft, en dat weet ik:
als eersteling uit de dood opgestaan.
U hebt volledig mij af kunnen breken,
Jezus, mijn Redder, dat hebt U gedaan.
Kan ik mij buigen, dan zal ik juichen,
als ik de kroon straks ontvang na de strijd.
Slechts de verstandigen kunnen ’t begrijpen:
dat God door diepten tot heerlijkheid leidt.
Geschreven door Mary Pedersen (gepubliceerd in 1916)Gecomponeerd door Ira David SankeyTekst © Stiftelsen Skjulte Skatters ForlagNorway ⋅ C