1.
Er is niets groters hier op deze aarde,
dan midden in de broederschap te zijn.
Strijden voor ’t hemels erfdeel, groot van waarde,
gesterkt door ’s hemels krachtfontein.
dan midden in de broederschap te zijn.
Strijden voor ’t hemels erfdeel, groot van waarde,
gesterkt door ’s hemels krachtfontein.
Refrein:
Van ’t levenswater drinken wij.
Dat maakt van angst en vrees ons vrij.
Wij zijn met Christus opgestaan
en zullen met Hem erven gaan.
Dat maakt van angst en vrees ons vrij.
Wij zijn met Christus opgestaan
en zullen met Hem erven gaan.
2.
Ons enig doel is Christus’ bruid te wezen,
een bruikbaar vat te zijn in ’s Heren hand.
Wij moeten strijden en de dood niet vrezen,
verbreken elke aardse band.
een bruikbaar vat te zijn in ’s Heren hand.
Wij moeten strijden en de dood niet vrezen,
verbreken elke aardse band.
3.
Geen lijden ooit weerhoude ons van ’t streven
naar daag’lijks meer van Christus’ heerlijkheid.
Door ’t persen van olijven in ons leven
komt olievoorraad mettertijd.
naar daag’lijks meer van Christus’ heerlijkheid.
Door ’t persen van olijven in ons leven
komt olievoorraad mettertijd.
Refrein:
Dan jub’len wij in Hem verheugd,
met ware goddelijke vreugd.
Wij zijn met Christus opgestaan
en zullen met Hem erven gaan.
met ware goddelijke vreugd.
Wij zijn met Christus opgestaan
en zullen met Hem erven gaan.