1.
Dank voor de heerlijke kruisweg, Heer,
die U mij wijst vandaag!
/: Help dat ik kwaad nu met goed vergeld,
laster en hoon verdraag. :/
die U mij wijst vandaag!
/: Help dat ik kwaad nu met goed vergeld,
laster en hoon verdraag. :/
2.
Leer mij, dat ik in de liefde dien
en zo mijn leven geef;
/: in ’t stof gebogen, ootmoedig, mild,
buigzaam en need’rig leef. :/
en zo mijn leven geef;
/: in ’t stof gebogen, ootmoedig, mild,
buigzaam en need’rig leef. :/
3.
Help dat ik and’ren uw weg hier wijs,
word zoals U, een lam,
/: en in uw voetstappen voort zal gaan,
steeds overwinnen kan. :/
word zoals U, een lam,
/: en in uw voetstappen voort zal gaan,
steeds overwinnen kan. :/
4.
Leer mij geringer te worden steeds;
off’ren mijzelf, als Gij.
/: Vul mij, o Heer, met uw heil’ge Geest,
maak mij van banden vrij! :/
off’ren mijzelf, als Gij.
/: Vul mij, o Heer, met uw heil’ge Geest,
maak mij van banden vrij! :/
5.
Help mij te werken bij dag en nacht,
o Here, voor uw zaak.
/: ’k Geef alles op, ’k wil uw werktuig zijn.
Dat is mijn levenstaak! :/
o Here, voor uw zaak.
/: ’k Geef alles op, ’k wil uw werktuig zijn.
Dat is mijn levenstaak! :/