262

O schone dag! toen licht vanuit de hoge

1.
O schone dag! toen licht vanuit de hoge
in mij met kracht de duisternis doorbrak!
Gods Geest nam mij de schellen van de ogen,
toen Hij mij over ’s hemels schatten sprak.
Refrein:
O schone dag, toen louter uit genade
het licht des levens mij bescheen,
en liefde ’t antwoord was op al mijn vragen,
hun schaduw als een droom verdween.
2.
O schone dag! Hij wou mijn hart verkrijgen.
Hoe licht en lieflijk werd mijn levenslot
toen ’k als een kind in droefheid leerde zwijgen,
ging danken voor de tucht die ’k kreeg van God.
Refrein:
O schone dag! Ik hoorde vogels zingen
van harte vrolijk en zo vrij.
Tot vrede werden mij de bitt’re dingen.
Halleluja! Ik loof u blij!
3.
O schone dag! als ’t hartevuur gaat branden,
de bruid haar bruidegom het jawoord geeft,
en als de ziel slechts “Abba, Vader!” stamelt,
en zij niet langer voor haar rechter beeft.
Refrein:
Dan groeien fijne, hechte liefdebanden,
die duizendvoudig vuur doorstaan.
Sterkt God met kracht de zwakke kinderhanden,
dan breekt de overwinning aan.
4.
O schone dag! als wij, verlosten, allen
- niet als een kind, wij stamelen niet meer -
dan krachtig ’t “Halleluja” laten schallen,
een eeuwig lof en dank, het Lam ter eer.
Refrein:
O schone dag! als wij zijn opgenomen!
Wij gaan dit tijd’lijk lichaam uit
om binnenin Gods heiligdom te komen.
O schone dag voor Jezus’ bruid!
Geschreven door Laurentze Mørch (gepubliceerd in 1937)Gecomponeerd door Abraham ThompsonTekst © Stiftelsen Skjulte Skatters ForlagNorway ⋅ C