291

Niets kon David schrik aanjagen

1.
Niets kon David schrik aanjagen.
Leeuw en beer heeft hij verslagen.
/: Hij ging zelf op oorlogspad
en versloeg reus Goliat. :/
2.
’t Was een held! Niets kon hem deren,
hij verrichtte ’t werk des Heren.
/: Krijgsman van zijn jeugd af aan,
heeft hij altijd klaar gestaan. :/
3.
David bleef vaak ’s nachts te wapen,
ook als ’t volk maar lag te slapen.
/: Ja, hij rukte uit en streed,
altijd voor zijn God gereed. :/
4.
Op die wijze moet je strijden,
al het schipperen vermijden.
/: Wat het kruis hier tegenstaat,
roei dat uit, als Gods soldaat! :/
Geschreven door Edwin Bekkevold (gepubliceerd in 1937)Gecomponeerd door Even SkogsrudTekst en melodie © Stiftelsen Skjulte Skatters ForlagNorway ⋅ D